Het lijf liegt niet!



De eerste jaren van mijn studie stond ik nogal te hakkelen als mensen vroegen ‘wat is lichaamsgerichte psychotherapie?’ Inmiddels heb ik de vraag vaker beantwoord en nu leg ik vlot uit dat in het lijf onze emoties voelbaar zijn. Wanneer we die emoties onderdrukken kunnen we dat een tijdje volhouden, maar de spanning in ons lijf zal zich opbouwen. Dit is waarneembaar in onze houding en lichaamstaal en daar heeft lichaamsgerichte psychotherapie extra aandacht voor. Het lijf liegt niet! is dan de gevleugelde uitspraak. Het voelt gewoon heel kloppend. Maar wat betekent die uitspraak eigenlijk?


Twee ogen kijken me indringend aan. Geen knippering, geen angst. Ik ben een vogel die op vlinders jaagt en vlieg toch maar even verder, want dit exemplaar vertrouw ik niet helemaal. Ikzelf ben een prooi voor uilen. Door misleiding vlieg ik door. Wie zal beweren dat het lijf van de vlinder gelogen heeft?


Liegen veronderstelt een waarheid en een leugenaar die deze waarheid bewust verdraait. Welllicht dat de vlinder een klein beetje bewustzijn heeft. Over de hoeveelheid daarvan en hoe je dat waarneemt, kun je discussiëren. Zo niet over de tekening op de vleugels, die is zeker onbewust gegroeid in een evolutionair proces. De vlinder is dus geen leugenaar, maar zijn lijf misleidt zijn aanvaller. De aanvaller ziet hem als een uil, maar dat is niet waar.


Dat brengt ons bij de oude filosofische vraag: wat is waarheid? De geschiedenis van die vraag is heel interessant, maar ik wil hier alleen stilstaan bij de meest moderne opvatting daarover. Dat is namelijk de theorie van het pragmatisme. Die zegt de taal is een gereedschap. Een bewering of theorie is waar, wanneer de toepassing het gewenste, beoogde of verwachte resultaat oplevert. Ik geef een voorbeeld. Waarom zijn de natuurwetenschappen waar? Het antwoord van de pragmatist is in de kern: kijk maar wat het ons gebracht heeft en wat we er allemaal mee kunnen. Succes is het criterium van waarheid. Ik kan dat ook formuleren als: waar zijn alle opvattingen die mijn leven bevorderen en onwaar zijn alle overtuigingen die mijn leven verstikken. In de deze formulering zie je ook dat het pragmatisme sterk door de evolutietheorie is beïnvloed. In de evoltutie is succes het krijgen van nakomelingen, het voortzetten van het leven.


Nu terug naar de uitspraak ‘het lijf liegt niet’. Eigenlijk zeg ik: het lijf zal zijn eigen leven niet verstikken. Bij implicatie gaan we ervan uit dat onze geest of bewustzijn dat wel kan doen. Te denken valt aan piekeren of tobben, het vasthouden aan boosheid of verdriet, of ook bijvoorbeeld het jezelf groothouden en alsmaar doorgaan, terwijl het lijf langzaam raakt uitgeput. Het zijn defensiemechanismen van het ego die het leven niet ten dienste staan, maar ondermijnen. We kennen ze allemaal. Volgens veel psychologen kan je onze hele identiteitsvorming zelfs opvatten als een langgerekte defensie-poging.


Mijn identiteit word ik mij bewust in de taal: Ik ben die ik ben. De eerste functie van de taal is het bemeesteren. De taal is ons instrument om de ongenaakbare werkelijkheid die zich aandient via de zintuigen en affecten van het lichaam, een plaats te geven en zo hanteerbaar te maken. En allereerst hanteerbaar tegen de angst. De angst dat wij als baby nog volledig afhankelijk zijn van de zorg uit onze omgeving. De angst voor de chaos die zonder al onze interpretaties, ons steeds omringt. Deze angst is volgens vele filosofen en psychologen de meest elementaire emotie.


De taal beschermt ons tegen die angst. Ik ben ik en mijn lijf is mijn lijf. De taal zorgt dat wij iets als iets kunnen zien. Ik zie en voel mijn handen als deel van mijn lijf. Mijn huid neem ik waar als grens tussen mijzelf en de buitenwereld, de horizon als de scheidslijn tussen hemel en aarde. Zo kunnen wij ons via de taal oriënteren in onze omgeving, doordat wij er een zekere afstand van hebben genomen. Dit iets als iets zien is de toegang tot de betekeniswereld. Het markeert de overgang van het onbewuste naar het bewuste leven. De geschiedenis van de filosofie gaat over de vraag wat dit als is.


Voor een baby in de baarmoeder valt alles wat er is nog samen met hemzelf. Zijn wereld is zo groot als de baarmoeder. Hij ziet zichzelf als de wereld. En het klopt, ook vanuit ons perspectief is de baby samen met de moeder nog één organisme, de baby en zijn leefwereld zijn één. Na de geboorte zal het nog enige tijd duren voordat de baby zijn moeder als apart wezen zal gaan herkennen, als een ander: “Mama.” De baby leert er een woord voor. Daarna komt de vader en via hem de andere anderen, van wie hij rond zes maanden ook steeds meer de gezichten zal gaan herkennen. Zo rijst voor de baby uit de chaos een wereld op, die hij via de taal kan benoemen. Daarmee wordt de mens een werkelijkheid ingeleid die hij vertrouwt. De taal is als een huis waar hij thuis is.


Defensie mag wat negatief klinken, maar heeft natuurlijk altijd een positieve bedoeling. Het is de bescherming van het leven en wij kunnen zeker niet zonder. Onze identiteit dient dus het leven en is in die zin waar. Alleen identiteit, het woord zegt het al, is ook het vastzetten van iets: X=X. Ik ben door de tijd heen dezelfde. Terwijl iedereen ook beseft dat wij voortdurend veranderen. De werkelijkheid en het leven zijn altijd in beweging. Het leven stroomt. Onze identiteit wordt gevormd om die stroom te beschermen, maar na verloop van tijd kan een vastgezette identiteit de stroom ook belemmeren. Vergelijk het met een kreeft die om te groeien af en toe van huis moet wisselen.


Het is hier dat lijfwerkers kunnen zeggen: het lijf liegt niet. Waar we met het hoofd, de taal en ons ego dingen kunnen vastzetten, kunnen we via het lijf de levensstroom en de levensenergie weer terugvinden. Lijfwerk gaat over het bevorderen van de levensenergie. En eigenlijk is het deze energie of stroom, die nog geest noch lichaam is, die nooit liegt. Het is correcter om te zeggen: het leven liegt niet. Het is helemaal vol en goed zoals het er vanzichzelf uit is.


Zowel de geest als het lichaam kunnen de levensstroom vastzetten. De geest kan liegen in de echte zin van het woord. Wij kunnen overtuigingen hebben die het leven niet dienen en tegelijkertijd daarvan wegkijken, dat is onszelf, bewust of onbewust dat laat ik nu in het midden, misleiden. Hoe moeilijk valt het ons de oude Grieks wijsheid ‘Ken u zelve’, die op de tempel van Delphi was te lezen, in de praktijk te brengen.


Ook het lijf kan de natuurlijke levensstroom belemmeren. In lijfwerk noemen we dat het karakterpantser. Het zijn de emoties die we onderdrukt hebben, die zich als spierspanningen in het lijf hebben vastgezet. Zo zijn we vastgelopen in de rollen die we in het leven hebben aangenomen, maar die we niet werkelijk zijn. Wij zijn levensenergie. Het lijf heeft een natuurlijke impuls voor die levendigheid. Die impuls te onderzoeken dat is wat lijfwerk doet. Natuurlijk kan het lijf misleiden, zoals de kreeft in een huis kan zitten dat te krap is geworden. De kreeft moet zijn huis verlaten en daarmee zijn kwetsbaarheid tonen. Dat is een pijnlijk proces en vergt inspanning. Maar het levert de kreeft uiteindelijk een goed passende woning op. Het vergt moed om die reis aan te gaan. Lijfwerk nodigt daartoe uit.


De evolutie is conservatief en zal een eenmaal gevonden oplossing zoveel mogelijk hergebruiken. De kwaliteit van een oplossing kan je afmeten aan de tijd dat deze effectief is. De eerste zoogdieren ontwikkelde zich 200 miljoen jaar geleden. De homo sapiens is pas 300.000 jaar oud en de taligheid heeft zich nog later ontwikkeld. In het lijf is in die lange geschiedenis veel wijsheid opgeslagen. Wijsheid waar wij via lijfwerk een heel klein beetje naar kunnen gaan luisteren.


Wanneer je via lijfwerk bijvoorbeeld de pijn kan ervaren, die je als pantser eigenlijk normaal bent gaan vinden en je doet dit in contact, in contact met iemand je pijn kan zien en compassievol kan ontvangen, dan kan dat een mens helen. Dan kom je weer in contact met je diepste kern of levensenergie. Dan komen er tranen 'als smeltwater van het hart'. Tranen die over je wangen stromen, een lijfelijke ervaring die we niet kunnen of hoeven uitleggen. Dié ervaring is waar therapeuten op doelen als zij zeggen het lijf liegt niet!


Recent Posts
Binnenkort komen hier posts
Nog even geduld...
Search By Tags
Er zijn nog geen tags.
Follow Us
  • Facebook Long Shadow
  • Twitter Long Shadow
  • SoundCloud Long Shadow

© 2020 Lijf en Geest